Jaap Groen

scheren

 

In my work I am looking for the essence of our existence, my existence. Why I live and what am I doing here? Do I have particular utility or am I more like a blade of grass in a meadow?

As images creator, I communicate with image. This may be pure image but also a spatial experience that you perceive with your being, is undergoing. I research the everyday actions and try to capture their essence. Ordinary operations because it is about the act as an act. So it is not to make nice pictures or salable works. The idea is to try to touch the essence of the acts (what is arguably an even greater beauty than a pretty picture). The images produced by this are not invented but caused by the act. I get them if it were a present. These are remains of what was done. Important relics because they tell a verb again, displaying the operation.

In mijn werk ben ik op zoek naar de essenties van ons bestaan, mijn bestaan. Waarom leef ik en wat doe ik hier? Heb ik bijzonder nut of ben ik eerder als een grassprietje in een weiland?

Als beelden maker communiceer ik met beeld. Dit kan puur beeld zijn maar ook een ruimtelijk beleving die je met je wezen waarneemt, ondergaat. Ik onderzoek de alledaagse handelingen en probeer ze in hun essentie te vangen. Ordinaire handelingen omdat het om de handeling als handeling gaat.
Het gaat dus niet om mooi plaatjes of verkoopbare werken maken. Het gaat er om de essentie van de handelingen proberen aan te raken (wat misschien wel een nog grotere schoonheid heeft). De beelden die dit opleveren zijn niet bedacht maar ontstaan door de handeling. Ik krijg ze als het ware cadeau. Het zijn overblijfselen van wat is gedaan. Belangrijke overblijfselen omdat zij weer een werkwoord vertellen, de handeling weergeven.